Historie Terwinselen

Weetje van en over Terwinselem

Speldjes

Speldjes verzamelen, een terugkerend verschijnsel van de jaren zestig en zeventig. In mijn gedachten moet het begin jaren zestig geweest zijn, maar in mijn album, zit er een van 90 jaar Schunck en dat was in 1974. Zo heb ik er ook van de VIVO en kolibri koffie, een merknaam van de VIVO, mijn oma stopte met de winkel in 1968, dus er moet ook in de jaren 60 een rage zijn geweest. Ik mis er nog, want voor sommige moest je sparen. Zo was er een winkel in Spekholzerheide, waar ze kippenvoer verkochten, lag naast die grote winkel waar ze fietsen verkochten, tegenover waar vroeger de bioscoop lag op de Akerstraat, daar moest je zegeltjes verzamelen en dan kon je sparen voor een zilveren speldje. Iedereen deed toen mee aan die rage, het maakte niet uit op je een groot bedrijf was, of gewoon een winkel of een café. zo heb ik een speldje van Zum Blauwe Bok. Ik meen een café in Spekholzerheide. De beste waren de speldjes die gesoldeerd waren. zo had die waren van plastic en je had er die geplakt waren en die lieten altijd los.
De speldjes zijn net geschiedenis boeken. Zo had ik vroeger een serie, waar alle kopstukken van de Nederlandse politiek opstonden, waar die zijn gebleven weet ik niet. Maar ook merknamen die niet meer bestaan, zoals Nanette. Een kaas meen ik.





Mijn negatieven

Ik ben bezig al mijn negatieven te scannen. Wim Ederveen vroeg me of ik nog foto's had van het WMC. die heb ik maar begin maar te zoeken. Nu heb ik wel alles netjes in een ordner zitten, maar toch. Te onderscheiden wat er op staat is toch vaak nog iets anders. Er zijn al negatieven naar boven gekomen, waarvan ik het bestaan niet meer wist. Je maakt een foto van een auto die je op dat moment bezit, en je ziet dan op de achtergrond een stuk van dat Terwinselen van die tijd. enz. enz.. hier onder een paar van deze foto's.



Carnaval 1985 Eric en ik (in het wit).



Mijn Volvo Kattenrug zal 1981 geweest zijn.





Deze foto's zijn ook hoogstwaarschijnlijk van 1985.

Dubbele klas

Ik kreeg van Nico Bisschops geboren 1943 een mail waarin hij schreef dat zijn school jaar een dubbele klas had, wegens de grote hoeveelheid kinderen.

Hij schreef het volgende:

Overigens waren in  mijn bouwjaar veel kinderen geboren waardoor 2   eerste klassen tot en met de 6e klas. Als ik mij nog goed herinner zaten in een klas de arbeiderskinderen en in de andere klas de beambte en  middenstandskinderen.

Ik had al eens eerder geschreven dat Terwinselen uit 3 groepen bestond. Je had de arbeidersbuurten, de middenstand en de beambte buurten. Dat men het ook doorvoerde op de school was nieuw voor me.

57,5 jaar

Vandaag 3 februari 2009 wordt ik 57,5 jaar. Er zijn er van mijn klas al 58, of nog ouder, maak ik was op eentje na de jongste van de klas van de kinderen die in 1950-1951 geboren waren.
Wat is er nu bijzonder aan die dag. Laat ik dan 57 jaar terug gaan naar de dag dat mijn vader 57,5 jaar werd. het as de eerste dag van zijn pensioen. En het was 30 december 1981. Mijn vader was bovengronder op de staatsmijn Wilhelmina. Eerst als machinebankwerker en brandwacht in de avonduren en na zijn hernia in 1963 werkvoorbereider-calculator. Ook wel tijdschrijvers genoemd. De mensen die van te voren berekende wat een klus moest kosten. Vergeet niet de mijn besteedde veel van het werk uit, en hiervan werden van te voren berekeningen gemaakt wat het zou mogen kosten, maar ook werk wat door de eigen mensen gedaan werd werd van te voren berekend in tijd en geld. Maar zoals je weet, de mijn ging dicht en mijn vader vond werk bij Stork in Kerkrade. En als zovelen van die bedrijven die naar Limburg waren gehaald om als vervangende werkgelegenheid te dienen, was Stork een bedrijf met vele ups en nog meer downs. Toen hij een jaar of 54 was, werd hij uitgeleend aan de gemeente Eygelshoven. Die bestond toen nog. Hij moest de bouwvergunningen gaan controleren. De gemeente had een achterstand van 3 jaar. Mijn vader werkte dit, op 3 maanden op zijn fietsje weg. Zegt dat iets over mijn vader, of iets over de ambtenaren van de gemeente Eygelshoven. Vul dat maar zelf maar in. Na 2 jaar duimen draaien, ging hij dan op zijn 57,5 jaar met pensioen. Een rare leeftijd zul je zeggen. Nee, hij kreeg een half jaar WW en 2 jaar WWV en je weet bovengronders kregen met 60 jaar pensioen. Nu was dat niet zo veel, maar tot zijn 65ste jaar kreeg hij tot 90 % bijbetaald van Stork. En nu ben ik dan 57,5 jaar. En ik moest terug denken aan het verhaal van mijn vader.

Retraite op Molenberg vanuit de Macintosh.



1954

Foto: Ria Debets

D'r Werner II

Wij woonden vroeger Maarstraat 52, en je had in die tijd nog echte tuinen. 35 meter lang en 10 meter breed. Met een gezin van 7 kinderen werd er natuurlijk veel groente gekweekt, want met het hongerloontje wat een bovengronder op de mijn kreeg kwam je niet ver. Dus werden er groente in die tuin gezet die je goed kon in maken en in mij herinnering, bestond die tuin dan ook hoofdzakelijk uit bonen, bonen en nog eens bonen. want bonen kon je goed inmaken. Maar als je een beetje van tuinieren weet, dan weet je dat bonen alleen maar groeien als ze veel stikstof kregen. En als je elk jaar dan op dezelfde stukken grond bonen werden gezet, dan raakte de grond al snel uitgeput. Nu hadden we zelf wel 12 kippen en die produceerde ook wel mest en mijn vader deed ook altijd koren zaaien in het najaar, om die dan in het voorjaar onder te spitten, maar dat was niet genoeg. want hoe ging dat. Men zette al vroeg in het jaar februari maart, erwten en als de erwten er uit gingen na de ijsheiligen, dan werden de bonen gezaaid, want 0 graden vorst was al funest voor bonen. Zowel de erwten als de bonen hadden stikstof nodig. De leverancier van het tekort, was Melkboer Hollands. Achterom in zijn hof had hij een grote stal staan met 4000 kippen. Een keer per jaar gingen we naar Hollands met een karretje (het onderstel van een kinderwagen) een buut er op en dan haalden we 3 tot 4 karren mest weg. Die we dan door de oude Maar en het stukje Maarstraat naar huis zeulde. Ik ging mee om de kar vast te houden. Van het verover bukken, had ik het 's avonds pijn in mijn rug.

De bonen kwamen bij ons de oren uit. Niet alleen het eten in de winter er van, hoewel mijn moeder genoeg variaties had om ze te bereiden, hadden we heel vaak bonen op het menu staan. Sniepelboene en prinsesse, was het hoofdzakelijk en soms franse haricots of zoiets. Witte bonen als de man op de markt hem die had aangepraat, maar als in de winter de nodige inmaakglazen open gingen werden die niet meer gezet. We hadden ook nog miemele, kroesjele en rabarber en niet te vergeten een wilde rozenstruik die ik eens op het bergje gevonden heb, werden ook ingemaakt of jam van gemaakt. Natuurlijk werd er een beetje sla gezet en wat radijsjes en de rest weet ik niet meer zo. Ook dat wat mijn vader niet zou planten dat weet ik wel nog. Aardappelen, tomaten, dat was te veel werk, dieke boene, die vond hij niet lekker, bruine bonen en stekke boene zette hij ook niet, de reden van de laatste 2 ontging me. Voor de rest stond het er wel in, maar 80 % boene, ik krij nu nog een lamme arm van het draaien van het molentje, of het punten van de boonjes die dan in stukjes gesneden moesten worden, dan de inmaakglazen in en in de stal op het vuur in een inmaakketel 2 rijen op elkaar gekookt en in de kelder op rekken bewaart. 1 keer per week, keek mijn moeder de glazen na, of er tussen zaten die open waren gegaan. die open waren werden het eerste opgemaakt, dus dan had je wel eens, dat je een hele week bonen at, maar meestal 1 of 2 keer per week.

Bron: Vincent

D'r Werner

Werner  Hollands was ook onze melkboer, wij woonden in de Mariastraat op nr. 21
Elke dag, of om de 2 dagen kwam hij trouw. Op een dag zei hij dat hij een week niet zou komen, omdat hij met zijn gezin naar Zeeland op vakante zou gaan. Ik was toen ongeveer 9 jaar. Dat had ik goed in mijn oren geknoopt, want mijn vriendin Els Tans ging met het hele gezin ook op vakantie naar Zeeland. Ma Tans zei tegen mij, Leentje je mag ook wel meegaan, maar het busje is helemaal vol (8 kinderen + bagage), maar als je op eigen gelegenheid kunt komen, dan hebben we wel een plekje voor jouw. Mijn moeder zag het natuurlijk niet zitten om mij alleen met de trein of zo te laten gaan. Maar...nu ging Werner...dus ik vroeg of ik mee mocht rijden. En die goeie Werner zag daar geen probleem in.

Zondagochtend, om 7 uur werd ik opgehaald. Mijn moeder had een grote boerenmetworst, een fles Els (lievelingsdrank van Pa Tans) en nog wat snoepgoed voor de kinderen gekocht. Klein koffertje mee en daar vertrok ik, samen met Werner, zijn vrouw, een dochtertje en zoon. In Roosendaal werd gestopt. We gingen naar de kerk, het was immers zondag. Een oudere dame voegde zich bij ons en stapte ook in de auto (Waarschijnlijk een familielid van Werner). Ik weet nog dat ze aan Werner vroeg; "wat moet
dat kind dat steeds met ons meeloopt?" Werner vertelde dat ik in hetzelfde dorp woonde en met zijn melk was groot geworden en dat hij mij moest afzetten op een dijk in Cadzand. Zo geschiede... De familie Tans keek of ze water zagen branden, toen ze Leentje Koonen in de namiddag met een metworst, een fles Els en haar badpak onder de arm op die
zondagmiddag binnen zagen wandelen. De vraag "hoe ben je hier gekomen?" En mijn antwoord; ". . . met de melkboer", heb ik nog heel lang moeten horen.
Maar ik zag wel de zee en dat was een onvergetelijke ervaring. Dat had ik toch maar mooi aan onze melkboer Werner te danken.

Bron: Lenie Koonen.

Ton Verbeek

Deze week zag ik in de krant staan dat Ton Verbeek was overleden. Misschien zul je zeggen wie is dat. Ton Verbeek woonde vroeger naast Wetselaar, het eerste huis bij het pleintje van Coorens, maar dan er tegenover. Ik ga er wel eens staan, als ik een foto maak van de Piusstraat, richting Kerk. Alle foto's van de Piusstraat moeten vanuit dit huis gemaakt zijn. Ik ken Ton Verbeek, omdat mijn oudste zus er ging babysitten vroeger. Hij was docent assistent op de Hogeschool in Heerlen en naderhand zal hij wel docent zijn geworden. In de tijd dat mijn vader nog op de mijn zat, ik zal een jaar of 15 zijn geweest, hadden we het over salarissen. Mijn vader had 600 gulden per maand, even veel geleerd als Ton Verbeek, die ING had dus HBO. De salarissen die in het onderwijs werden gegeven waren toen al riant t.o.v mensen in het bedrijfsleven. Hij had 1000 gulden per maand. Er is niks verandert.
Hij is 75 jaar geworden.En woonde vlak bij mij in de buurt, waar ik nu woon. Het kan verkeren.

RKTSV A1

Ik heb nog informatie over RKTSV. In 1960 won het A1 in Simpelveld de Pastoor Gilissenbeker. Dit was een gezien de deelnemende ploegen een geweldige prestatie. Rapid A1 en Roda Sport A1 deden o.a. mee. Het jaar later werden we in de finale verslagen door Emmeloord A1. Verder is het A1 in 1962 kampioen geworden na een nek-aan-nekrace met SVK en Heilust.

Bron: Peter Ritz